Babs Taal bericht over haar allereerste ervaringen als atlete.

Mijn eerste T-shirt


Eindelijk was het zo ver: 3 juni 2007, de dag dat ik mijn eerste T-shirt kreeg, veroverde moet ik misschien wel zeggen. Het ziet er fantastisch uit in al zijn witte eenvoud. De laatste maanden zag ik ze op de training steeds vaker: combinaties in nationaal oranje, hemelsblauw en knallend rood of opvallende opschriften, soms ook ingeweven volgnummers in kanarie geel, T-shirts van allerlei evenementen. Zo’n shirt geeft meteen een professionele uitstraling en de dragers ervan lijken ook beter te lopen en snellere tijden neer te zetten op weg naar de marathon.
Het begon allemaal op de lampionnenloop in januari. Ooit, toen ik nog in Osdorp woonde, had ik wel gelopen, een rondje Sloterplas, maar erg veel stelde het niet voor. Om looptijden bekommerde ik me niet, want het was voldoende om na het werk de wind door je haren te voelen en gezonde boslucht op te snuiven. De marathon was een onbereikbare droom en ik zou ook nooit lid zijn geworden van een atletiek vereniging als mijn schrijfvriendin Tony er niet over was begonnen. Bij de gedachte alleen al begon ik te lachen: lid van een atletiek vereniging, daar moet je jong en dynamisch voor zijn.
Dat veranderde allemaal op die Lampionnenavond, het afscheidsfeest van Agnes als trainster. Het voelde als een grote gezellige familie en tot mijn verbazing waren we meteen benoemd tot atleet, wat bevestigd werd door de sleutelhanger die ook wij als aspirant leden kregen. Achteraf is dat de eerste trofee. Een stevige sleutelhanger met het logo van Kombij en aan de andere kant een Zen-achtig plaatje van de sintelbaan, waar je helemaal rustig van wordt, en de woorden van Agnes als de spreuk van een Chinese wijsgeer: “veel loop plezier in de toekomst”. Inmiddels is die toekomst er nu en daarmee ook het plezier in het lopen.
Op een druilerige avond liep ik in Aalsmeer mijn eerste wedstrijd, eigenlijk zonder het idee dat het om een wedstrijd ging. Dat merkte ik pas bij de finish. Een geweldige afvaardiging van Kombij ving me op met prijzende woorden, gejuich en geklap. Het wonder is geheel te danken aan Els. Ik kreeg geen lucht meer in de laatste ronde en eigenlijk wilde ik opgeven, maar Els die al ruimschoots gefinisht was, liep met me mee op de binnenbaan en coachte me er door heen. Het leuke Aalsmeerse plantje ging aan mij voorbij, maar dat telde niet meer, ik had het gehaald en leefde nog. Toch kreeg ik een aandenken dat ik koester en nu beschouw als mijn tweede trofee: een rood hart met knipperende lichtjes als je de stekker in het stopcontact steekt. Els gaf me haar gewonnen trofee, dat ik als een zeer persoonlijk cadeau op een prominente plaats in de kamer heb gezet. “Ook iemand die voor ’t eerst een 5000 m loopt, wordt bij ons massaal aangemoedigd” stond er pasgeleden in het interview van Els in de Telegraaf en zo was het ook.
De derde trofee is dus mijn witte T-shirt. Het was wel erg warm die zondag 3 juni van de Dorintloop en als ik geweten had dat het de dertiende loop was, had ik mij misschien nog bedacht. Maar ach, de sfeer zat er goed in, er kwam een enkel wolkje voor de zon en misschien nog een spatje regen zoals in Aalsmeer. Tony hield de tijd van ons schema in de gaten en daar liepen we dan.
Wit, een wit T-shirt, mijn eerste T-shirt, juich ik nu zachtjes voor me heen. “Wit is geen kleur”, zei mijn vader altijd. Toch bevat wit alle kleuren van het spectrum zoals we vroeger op school leerden. Dat witte T-shirt is het begin van een hele reeks, hoe mooi gekleurd die ook mogen zijn, dit is mijn eerste T-shirt waarin ik me stralend licht voel. Elke week groeit het verlangen een beetje meer als ik bij de trainingen weer iemand spreek, die een marathon heeft gelopen en ook pas als vijftigplusser is begonnen met lopen. Er is dus nog hoop voor mij. Voorlopig begin ik met de estafette marathon …… “je bent gek”, zei mijn zus, en dat klonk als een aanmoediging.
Babs G.Taal
Lijnden 23-06-2007

Schrijf mee!